Keenan, die in Nederland op topniveau hockeyt, onthult dat hij op het veld soms te maken krijgt met verwijten van tegenstanders. Deze opmerkingen zijn vaak gericht op zijn geaardheid of zijn relatie. "Voor tegenstanders ben ik 'de partner van' of 'die homo'," legt hij uit in het coververhaal van de nieuwste editie van het blad.
Keenan is er echter duidelijk over dat zulke opmerkingen hem niet meer raken. Hij schrijft deze veerkracht toe aan een sterk gevoel van zelfacceptatie. "Het doet me niet zo veel meer," stelt hij. "Het zegt meer over de ander dan over mij. Het is hun probleem."
Hij vergelijkt de sfeer in de Nederlandse sportwereld met die in zijn thuisland Argentinië, dat volgens hem een meer uitgesproken "machocultuur" heeft. De acceptatie die hij in Nederland heeft gevonden, zowel op als buiten het veld, staat in contrast met wat veel atleten elders mogelijk ervaren.
Het interview ging ook in op het publieke karakter van zijn relatie met een van Nederlands meest prominente politici. Op de vraag of hij zich een 'first lady' voelt, is Keenans antwoord direct en nuchter. "Ik ben gewoon Nico," zegt hij, en benadrukt daarmee zijn wens om zijn eigen identiteit te behouden, los van de publieke rol van zijn partner.
Het interview met Keenan is het coververhaal van de nieuwe L'HOMO., die ook interviews bevat met andere prominente figuren uit de Nederlandse lhbtq+-gemeenschap en hun bondgenoten, waaronder presentator Splinter Chabot met non-binair acteur Thorn de Vries, en influencer Robbert Rodenburg met trans model Gia Bab. Het nummer wil een breed perspectief bieden op het queer leven in Nederland vandaag de dag.